Ialma | musica | Veronica Codesal | Simbiose | celtic music | Galicia | folk | song | worldmusic

Simbiose (Ialma) in TOP 20 Best World Music Albums of 2011 (WorldMusic co.uk)

Congratulations!

Simbiose” by Ialma has been awarded a place in the TOP 20 Best World Music albums of 2011 as ranked by www.WorldMusic.co.uk.

This list was compiled from all world music albums released in 2011 that have been received by www.WorldMusic.co.uk up to the end of Jan 2012.

In the opinion of the WorldMusic team these awards represent the best new albums released over the last year taking into account overall enjoyment, creativity, musicianship, production, consistency, originality, vision and that elusive ‘duende’ that makes them stand out from the crowd. (Compilation albums and Re-releases come into a separate category).

Please feel free to use this information in your publicity and pass on to others you feel need to know. Help to keep WorldMusic up to speed with your future plans and achievements over the coming year by making sure we are on your Press/Media and DJing mailing lists.

|-> Read more on worldmusic.co.uk

6 Feb 2012 | Niews |

IALMA – SIMBIOSE (Dez Años/ Ten Years)

‘t Is intussen al ruim tien jaar, die eerste stappen van Ialma. We herinneren ons het vuur, de overtuiging, het zuiderse enthousiasme, o. a. op Brugges Festival, van de toen nog zes jonge zoetgevooisde Galicische meisjes uit Brussel die met hun driftig bespeelde pandeireta’s (tamboerijnen) in muziek en dans uitdrukking gaven aan hun vurige zuiderse levensvreugde. We zagen hen groeien als cantareiras (zangeressen), op podium en in de studio. Wat ook mee opbloeide: de behoefte om wereldmuziek (veel breder dan Galicische muziek) een forum te geven in Brussel. Vanuit het Centro Callego-La Tentation groeide daarom Muziekpublique (zie www.muziekpublique.be), dat intussen met zijn vele concerten (vooral in de Molièrezaal), cursussen, stages en andere initiatieven niet meer weg te denken is uit het cultuurleven van de hoofdstad, ook voor de Nederlandstaligen. Ialma speelde hierin een belangrijke rol, ondermeer via Marisol Palomo.

Er was meer dan muziek: we mochten zo’n tien jaar terug één van de intussen befaamde (bereidingen van de) queimada (feesten met als hoogtepunt het spectaculaire brouwen van de punch, gemaakt met Galicische aguardente) meemaken. De dames van Ialma zaten ook in de speerpunt van de Brusselse reactie op het zinken van tanker Prestige voor de Galicische kust: in helleweer deden we mee aan de ‘Nunca Mais’ actie op het strand van Oostende vóór Fort Napoleon. Het leek of de muziek op het tweede plan verdween: er moest ook niets zo nodig. Maar dat was zonder de waard gerekend: op geregelde tijdstippen kwam er nieuw werk en elke cd bleek een stap voorwaarts in de evolutie, ‘Palabras Darei’ (1999), ‘Marmuladas’ (2002) en ‘Nova Era’ (2006)

Tien jaar later hebben de goede bedoelingen vanzelfsprekend plaats gemaakt voor professionalisme en zelfvertrouwen. Die hebben gelukkig het heilige vuur niet aangetast. Muziek maken is voor deze vrouwen, intussen al lang een vijftal -Veronica Codesal, die met Urban Trad één avond heel Europa in de ban hield, Natalia Codesal, Marisol Palomo, Magali Menendez en Nuria Aldao- een passie gebleven. Die passie deed hen ook in Galicië effectief aan veldwerk doen in de dorpen en de vooral oudere vrouwen aansporen om de traditie door te geven. Maar ze zijn meer dan een uithangbord voor het Galicische verleden. Ze kozen resoluut voor het heden vanuit hun meervoudige achtergrond. Zo namen ze voorheen al ‘Under The Bridge’ van The Red Hot Chili Peppers op in een totaal eigen versie, als titelsong van hun derde cd ‘Nova Era’.

De nieuwe cd ‘Simbiose’ ligt enerzijds in het verlengde van de voorgangers. Dat houdt onder anderen in dat het vijftal nog steeds unisono zingt. Meerstemmigheid behoort niet tot de traditie (maar misschien wordt het ooit wel een optie voor deze ondernemende dames?) De songs wortelen, ondanks alle hedendaagse toetsen en arrangementen, stevig in de rijke traditie. Een groot aantal van die liederen zijn effectief qua melodie ‘trad’. Nog immer laten ze zich bijstaan door de musici die niet zelden van in een vroeg(er) stadium de groep terzijde stonden, klassenbakken voor wie folk, rock, jazz en zelfs klassiek geen geheimen kennen en die Ialma ook door en door kennen, lieden als Pascal Chardome, Ad Cominotto, Didier Laloy, Frédéric Malempré, Luk Pilartz, Osvaldo Hernandéz-Napoles, Bruno Fevery, …

In elk geval te veel om op te sommen en allen met een grote staat van dienst. Zelfs het volledige oude muziek ensemble Zefiro Torna staat hen terzijde in het passend getitelde ‘Ialma Torna’, een fikse avontuurlijke stap richting Middeleeuwen. Ook van de partij: de ‘gewaagde’ cover. Ditmaal namen ze ‘Walk Like An Egyptian’ van The Bangles onder handen en dat werd dan, u raadt het nooit, het aanstekelijke ‘Dance Like A Galician’! Het middenstuk staat hen ongetwijfeld toe op toneel een smeuïg dansje te wagen. En het coda van ‘Dance…’ is pure lol. Het is het enige Engelstalige nummer: voor de rest is het al Galicisch, een paar keren gecombineerd met Franse strofen.

Anderzijds is er de te verwachten evolutie. Tracks als ‘Na Iauga’ en het titelnummer laten, na een relatief klassiek ‘6 AM’ (dat al wel een jazz break heeft, gespeeld door niemand minder dan Bert Joris), een modern geluid horen waarin zang en muziek perfect versmelten, maar dat zich al ver opstelt van de folk van de begindagen zonder dit evenwel te verraden. Een mooie cross-over waarin verleden en heden, en zelfs toekomst samensmelten, is het gewoonweg briljante ‘Grixoa’, waarin de trompet van Bert Joris, voor een tweede en laatste maal, een sleutelrol speelt. Vocaal worden de registers opengetrokken door de inbreng van een koor. ‘Grixoa’ is een hoogtepunt maar het staat echt niet alleen. Er is ook aan de arrangementen op ‘Simbiose’ duidelijk veel zorg besteed.

Daar houdt het niet op: de titel ‘Simbiose’ heeft nog meer connotaties dan het samensmelten van oud en nieuw, Galicisch en Belgisch, en zo verder. Met deze cd wil de groep tevens tien Galicische kunstenaars (en ook ondernemingen) in de bloemetjes zetten, die ooit op één of andere wijze in aanraking kwamen met Ialma en het wezen van de groep positief hebben beïnvloed. Ze komen uit zeer verschillende disciplines, even goed uit dans, gastronomie, literatuur, wijnbouw, film…. In het uitgebreide en verzorgde cd boekje komen die mensen aan bod. De groep gaat zelfs nog een stap verder en gaf de podiumproductie van ‘Simbiose’ in handen van de Italiaanse choreografe Katina Genero, zodat Ialma de hort op kan doorheen diverse landen in Europa. We wikken onze woorden: met ‘Simbiose’ groeit Ialma uit tot een begrip in de ‘wereldmuziek’.

Antoine Légat.

27 Apr 2011 | Medias |

Published in La Libre 23/02/2011 | Belgium | Sophie Lebrun

La Libre | 02/2011

Ialma, dix ans de symbiose

Le groupe belgo-galicien célèbre, en disque et en concerts, dix ans d’existence. Une formation de plus en plus ouverte à tous les croisements musicaux.

Elles s’appellent Nuria, Natalia, Veronica, Magali et Marisol, et vivent à Bruxelles – où quatre d’entre elles sont nées. Mais, comme en témoigne leur prénom, leurs racines familiales sont plus au Sud : en Galice. C’est dans ce terreau culturel (la danse dès l’enfance, puis la musique) que ces filles et petites-filles d’émigrants puisent leur inspiration, tout en lui injectant une sève moderne. Dix ans, déjà, que dure leur aventure musicale, baptisée Ialma, “l’âme”. Le groupe fête doublement cet anniversaire, par le biais de concerts (*) et d’un nouveau CD intitulé “Simbiose, dont on a pu découvrir les chansons sur scène au Festival d’art de Huy l’été dernier.

Musicalement, le groupe a évolué, démarrant a capella dans une forme encore très traditionnelle, puis s’étoffant de musiciens belges (œuvrant notamment dans le trad) parmi lesquels Pascal Chardome, Didier Laloy et Frédéric Malempré. Jouant ensuite, de plus en plus, la carte de la mixité culturelle – en tous sens. En témoigne cet album original, déroutant, où les chansons galiciennes sont parfois vêtues d’atours pop, où les traditionnellespendeiretas (tambourins) peuvent côtoyer une guitare électrique ou une trompette, le chant polyphonique féminin, répondre au couplet d’un rappeur (El Puto Coke). Où Ialma va jusqu’à revisiter “Walk like an Egyptian” des Bangles (“Dance like a Galician“, porté par la batterie et la cornemuse galicienne ou gaita) – pour un résultat ludique, mais pas le plus mémorable. Mais aussi où, plus simplement, un dialogue s’installe entre une seule voix et l’accordéon diatonique de Didier Laloy (“Voltar”), offrant un des moments forts de cette “Simbiose”. Comme l’est le vibrant “Ialma Torna”, une cantiga de Santa Maria où Ialma est accompagné de l’ensemble de musiques anciennes Zefiro Torna.

Un peu de tout, donc, à boire et à manger, dans cet album que le groupe voit comme le reflet de son histoire. Dans son livret, les Ialma rendent hommage à dix artistes ou artisans galiciens qui les inspirent – et dont certains leur ont écrit un texte. En fil conducteur, outre la langue galicienne (pour l’essentiel), reste ce chant typique, cette énergie vocale particulière. Un chant qui, par moment, peut paraître un peu “criard”, admettent les intéressées. Un chant”à gorge ouverte. Jadis, on chantait en plein air : les jeunes filles, en Galice, chantaient, pour attirer l’attention sur leur village ou leur fête. Au champ, la première femme qui avait terminé sa rangée de pommes de terre se mettait à chanter pour encourager les autres à terminer leur travail”, expliquait, à l’issue du concert hutois, Veronica Codesal – par ailleurs chanteuse au sein d’Urban Trad.

Avec ses comparses, elle recueille, “dans les villages galiciens, auprès des personnes âgées”, des chansons transmises par la tradition orale. “Elles sont parfois en castilla, le galicien ayant été interdit à l’époque du franquisme”.
Sur scène, pendeireta à la main, les cinq chanteuses déploient une belle énergie. Agrémentant le concert de danses traditionnelles – et, petit bémol, de gestuelles un peu plus figées – et entretenant le dialogue avec leurs musiciens qui savent aussi y faire pour se mettre un public en poche. Quelques invités “virtuels” prendront part à ces concerts anniversaires. Surprise.

24 Feb 2011 | Medias |

Published in EL PAÍS : Las muiñeiras de las belgas

El grupo Ialma, formado por hijas de emigrantes, celebra la década con nuevo disco

DIANA MANDIÁ – Santiago – 12/02/2011

EL PAÍS

Se consideran cantareiras, hablan buen gallego y aseguran que no pueden pasar mucho tiempo sin venir a Galicia, la tierra que sus padres dejaron en los años 50 para ganarse la vida en Bruselas. Tras diez años juntas, Marisol Palomo, Verónica y Natalia Codesal, Magali Menéndez y Nuria Aldao, las cinco integrantes del grupo folk Ialma, incluso se sorprenden al explicar que, por primera vez, en su nuevo disco, Simbiose, tiene cabida el francés, uno de los dos idiomas oficiales de Bélgica. Es en Pa’la catedral, un tema en el que cuentan con la colaboración del humorista Carlos Blanco, que las definió como las tank girls del folk gallego. “Es un orgullo poder cantar en nuestro idioma”, asegura Verónica Codesal, que en 2003 se llevó una gaita a Letonia para representar a Bélgica en el festival de Eurovisión, donde su grupo Urban Trad consiguió el segundo puesto.

“Cantamos en gallego para no perder vínculos. Otra gente va a terapia”, se explica Marisol Palomo, hija de emigrantes de Betanzos. Junto a sus compañeras, acaba de aterrizar en Santiago para promocionar su nuevo trabajo -el cuarto tras Palabras darei (2000), Marmuladas (2002) y Nova era (2006)- , pero apenas estarán dos días en Galicia. Hoy graban junto a Carlos Blanco unas imágenes que proyectarán durante su gira de conciertos, que comienza en Bruselas el 26 de febrero y continuará por Amberes, Alemania, Francia y Holanda. No esconden su ilusión por actuar en Galicia, aunque todavía no saben si será posible: a pesar de cantar en gallego, Galicia es el lugar en el que menos conciertos han dado. La última vez fue en 2006, aunque a la tierra de sus padres, donde siguen teniendo parientes y amigos, vienen muy a menudo.

Para Codesal, la principal novedad de Simbiose, grabado en Bélgica, es la inclusión de nuevos estilos, como el rap, tutelado en el disco por el vigués El Puto Coke. “Con el paso del tiempo, acabamos por abrirnos a otras culturas y a otros estilos”, cuenta Codesal, con familia del municipio lucense de Guitiriz. La carta de presentación de Simbiose, Na iauga, aunque interpretada en gallego, es en realidad una melodía tradicional de Québec y Dance like a Galician una versión libre y desinhibida de Walk like en egyptian, el éxito de The Bangles. La letra, de Carlos Blanco, ensalza las verbenas, la gastronomía, las playas y la vendimia. La tradición medieval gallego-portuguesa también aparece en Simbiose: Ialma torna, otro de los nuevos temas del grupo, es la cantiga número 140 de Alfonso X El Sabio.

En Bélgica, donde el público, gallego o no, ya está más que acostumbrado a oírlas cantar en la lengua propia, “no hay nadie que no sepa dónde está Galicia”, cuentan. Por los emigrantes, que en la segunda mitad del siglo XX empezaron a ver en Europa, y ya no tanto en América, la posibilidad de mejorar sus vidas, y por la labor de los descendientes de la diáspora. Palomo y Codesal aseguran que, “aunque hay mucha gente que en el país en el que han nacido ni siquiera sabe que el gallego es una lengua oficial”, el hecho de reivindicar sus raíces es “muy apreciado” en Bélgica. “Les gusta el gallego, les parece una lengua muy melosa y nos preguntan qué significa lo que decimos”, explican. En parte por satisfacer esa curiosidad, la de las cantareiras no es la única firma de Simbiose. Humoristas, diseñadores -los vestidos que usan en las fotografías que ilustran el libreto del disco son del gallego David Aranda-, artesanos como los Seivane y cineastas acompañan a las Ialma con pequeños textos y fotografías, todas hechas en Galicia. En Ortigueira posan para el cineasta Enrique Otero y delante de una antigua fábrica de escobas de Cacheiras, en Teo, ilustran la colaboración de El Puto Coke. El escritor Xabier Queipo, residente en Bruselas, colabora con Grixoa, un pequeño texto sobre la emigración.

La comunidad gallega en Bruselas no es ya la misma, en parte porque las nuevas generaciones, nacidas fuera de Galicia, no sienten la misma necesidad de encuentro que sus padres. “Están más integrados, no es tan importante ese lugar común”, apunta Palomo. Diez años después de constituirse como grupo, presumen de alguno de sus logros, como representar al país en el que han nacido en festivales extranjeros, sin importar su condición de hijas de emigrantes. Aunque nacidas ya en Bruselas, Galicia para las cantareiras de Ialma no era solamente el lugar de las vacaciones de verano. Cuatro de las integrantes del grupo -Nuria Aldao es una emigrante reciente que vive en Bélgica desde hace seis años- se conocieron de niñas, en las clases de baile y pandereta organizadas por el Centro Galego de Bruselas. A que su filiación sea múltiple ya están acostumbradas. “Aquí somos siempre las belgas y en Bélgica, las gallegas”, bromea Codesal haciendo uso de la vieja paradoja del emigrado.

17 Feb 2011 | Medias |

 

© Ialma | Celtic music - Gallic

Flux RSS Ialma Musica | Flux RSS photos